Vitaliteitsregeling

In 2013 wordt het vitaliteitspakket geïntroduceerd.


Het vitaliteitspakket moet leiden tot vereenvoudiging van het fiscale stelsel omdat de volgende vier regelingen worden afgeschaft:
  • De spaarloonregeling
  • De levensloopregeling
  • Arbeidskorting voor werknemers van 58 jaar
  • Doorwerkbonus voor werknemers van 62 jaar

Binnen het vitaliteitspakket komen daarvoor in de plaats:

De werkbonus voor 61-plussers

Voor de verdwijnende 'arbeidskorting voor ouderen' en de 'doorwerkbonus' wordt in 2012 'de werkbonus' geïntroduceerd. De nieuwe 'werkbonus' bedraagt € 2.350,- per jaar en is gericht op werkende 61-plussers. De 'werkbonus' wordt door de werkgever verwerkt op het loonstrookje en is dus meteen zichtbaar voor de werknemer.

Het vitaliteitssparen

Na het verdwijnen van de spaarloonregeling en de levensloopregeling wordt het vitaliteitssparen ingevoerd. Vitaliteitssparen stelt deelnemers in staat fiscaal voordelig te sparen en is toegankelijk voor werknemers, ondernemers (waaronder zzp'ers) en resultaatgenieters. De regeling kent geen opnamedoelen. De stortingen in vitaliteitssparen zijn fiscaal aftrekbaar in box 1 en er wordt pas belasting geheven bij opname van het tegoed. Het opgebouwde, nog niet opgenomen, tegoed in vitaliteitssparen is niet belast in box 3. Het maximale fiscaal gefaciliteerd op te bouwen vermogen bedraagt in totaal € 20.000. Er geldt een jaarlijks aftrekbare maximuminleg van € 5.000. Opname uit het vitaliteitssparen na het bereiken van de 62-jarige leeftijd wordt beperkt tot €10.000 per jaar.

Voorbeeld: ZZP-er X wil meedoen aan vitaliteitssparen om een potje op te bouwen voor een wereldreis. Hij wil het meest fiscaal gunstig sparen. Dit kan hij doen door 4 jaar lang € 5.000 te storten in het vitaliteitssparen. Hij kan dan 4 jaar lang elk jaar in zijn aangifte inkomstenbelasting €5.000 als aftrekpost opnemen in box 1. Hij hoeft het opgebouwde, nog niet opgenomen, tegoed niet in box 3 aan te geven.