
|
22 juni 2011 |
|
DFD heeft zich van meet af aan coöperatief opgesteld, transparant en open. Dit is geheel in lijn met wat de wetgever van een financiële dienstverlener mag verwachten en ook is terug te lezen in het AFM- besluit. Door deze opstelling ontstond er een goede dialoog tussen DFD en de AFM. Mede daardoor zijn we lopende het onderzoek tot inzichten gekomen dat er zaken voor verbetering vatbaar waren. Noem het lessons learned. Een absoluut normaal iets, zeker wanneer we in ogenschouw nemen dat de Wft regelgeving is met een open norm. Het nog beter inventariseren en vastleggen van klantinformatie is direct opgepakt, geïmplementeerd en gaande weg de rit ook gecommuniceerd met de AFM.
De relaties achter de dossiers die door de AFM zijn bekeken, zijn door ons wederom bezocht. Het advies, gebaseerd op het nieuwe inzicht luidde niet anders dan initieel ook al door ons gegeven. Dat dit ons gelukkig stemde moge duidelijk zijn. Wij durven dan ook te stellen dat onze klanten geen nadeel hebben ondervonden door de geconstateerde tekortkomingen.
Vanzelfsprekend kijkt een toetsend orgaan als de AFM niet naar de ‘achteraf’ doorgevoerde verbeteringen. Zij heeft tot taak het feitelijk handelen te toetsten aan vigerende regelgeving. Zoals reeds eerder gemeld zaten daar een aantal onvolkomenheden in, die in de zin van de Wft een overtreding opleverden van artikel 4:23, eerste lid, onderdelen a en b. Dit artikel ziet toe op het inwinnen van die informatie die redelijkerwijs relevant is voor het advies of het beheer van individueel vermogen.
DFD tekent (vooralsnog) geen beroep aan tegen het genomen besluit, noch zal zij de publicatie ervan aanvechten. Wij accepteren de visie van de AFM en gaan door op de ingeslagen weg. Dit betekent dat huidige en toekomstige relaties van DFD kunnen blijven rekenen op een professionele wijze van advisering, maatwerk producten en diensten en transparantie over ons verdienmodel.
DFD De Financiële Dienstverleners B.V.
Directeur
|